Shakespeare revisited
Bart Vieveen en Erik Siebel, een duo met een brein als eeneiige tweeling, zijn geen onbekenden in Imperium. Ze lopen met periodes van afwezigheid al ruim twintig jaar mee als regisseur, speler of allebei. In 2001 won De dood en het meisje onder regie van Bart met spel van Erik de Arend Hauerprijs. Nu regisseren ze samen en niet voor de eerste keer. Vorig jaar wonnen ze met hun visie op en versie van Medea de Kees Visserprijs.
Door Riekje Renes
Ik stelde aan beiden afzonderlijk de zelfde vragen over hun leven, manier van werken en de inhoud van het stuk. Ze denken zo gelijkvormig dat ze slechts in nuance verschilden in hun antwoorden. Ik gebruik hun reacties door elkaar.
Wie zijn jullie?
Bart is neerlandicus en theaterwetenschapper. Hij werkte
bij Theaterweten schappen, het Lak en het RO-theater.
Hij is dramaturg en heeft een grote literaire kennis.
Een vaardigheid die hij gebruikt om de stukken die hij
brengt te (her)schrijven. Sinds een jaar is hij
conrector op het Stedelijk Gymnasium. Ook daar bracht
hij samen met Erik toneel. Voor Peer Gynt
schreven ze om beurten een stuk en er was geen
stijlbreuk te merken.
Erik is coördinator in het Speciaal Onderwijs. Hij geeft trainingen over autisme. Via Kees Visser kwam hij bij Imperium. Van de vele rollen die hij speelde heeft hij aan George uit Virginia Woolf de beste herinneringen. Hij was ook lange tijd hoofd Techniek en regisseerde december 2005 Prettige Feestdagen.
Als raakvlak tussen onderwijs en theater richtten ze met oud Imperiaan Paul Schaminee de Salon voor Kunst en Wetenschap op. Het gaat daar niet om de bevestiging van zekerheden maar om de ontdekking van onzekerheden. Het moet twijfel zaaien, vragen oproepen en niet beantwoorden. Dat willen ze ook met een theaterproductie. Ze willen de magie van het theater ontdekken over een onderwerp, dat het dagelijkse leven ontstijgt.
Hoe is het idee voor Thanatorium Shakespeare
ontstaan?
Uit de teksten van Shakespeare en de Japanse film After
Life. We wilden vorig jaar al iets multimediaals met
de Storm doen. Er was toen te weinig voorbereidingstijd.
Shakespeare heeft met prachtige metaforen in geuren en
kleuren heel zintuiglijk alle aspecten van het leven
weer gegeven. Als een filosoof denkt hij in begripsparen
als orde/chaos, dag/nacht, leven/sterven. Hij stelt zijn
personages dilemma's en dwingt ze na te denken over wie,
wat en waarom ze zijn.
In After Life arriveren zojuist gestorvenen in een soort wachtkamer van het hiernamaals. Ze verblijven er een week en moeten de herinnering naar boven halen die essentieel voor hun leven is geweest. Slechts daarmee mogen ze het hiernamaals binnen. Wie niet kan kiezen blijft achter als staflid. Dat vonden we een intrigerende gedachte. Ook bij Shakespeare gaat het om wat een mens en hoe zijn leven is. We zijn naar teksten over leven, liefde en vergankelijkheid gaan zoeken, hebben die opnieuw vertaald, de teksten en personages gecombineerd en geconstrueerd tot een nieuw plot.
Wat is het plot van Thanatorium?
Het woord is een combinatie van thanatos, wat dood
betekent, en sanatorium. In Duitsland wordt een
sterfhuis zo genoemd. Het hele leven is een sterfhuis.
Dood en leven zijn verweven. Zonder leven is er geen
dood en andersom. De mens is het enige biologische
wezen, dat zich bewust is van zijn sterflijkheid.
Vergankelijkheid is een condition humaine.
Het stuk speelt in een soort kliniek. Er zijn patiënten met hun familie. Er is verplegend personeel. De stichter van de kliniek is de personificatie van Shakespeare. Ieder herinnert zich, op zoek naar het ultieme moment, flarden van zijn leven. Er zijn figuren uit verschillende drama's te herkennen, zoals King Lear, Macbeth, Richard III, Hamlet…… We hebben 14 drama's en 4 sonnetten gebruikt. De sonnetten bevatten in kernachtige vorm dezelfde thema's als het toneelwerk. Eigenlijk moet je het verhaal weer loslaten. Het gaat om de teksten, losgekoppeld van de personages moeten die de veelheid van het leven laten zien, tot leven komen, ontroeren en iets te weeg brengen.
Speelt waanzin bij Shakespeare ook geen rol? Ja, maar dan in de zin van de zintuiglijke kracht van de waan. Het vermogen te verbeelden. De mens is ook het enige biologische schepsel dat is uitgerust met verbeeldingskracht, misschien wel om het bewustzijn van de sterflijkheid dragelijk te maken. Dat is de kracht van Shakespeares metaforen. De waanzin geeft je het vermogen dingen voor te stellen en daardoor krijg je overzicht over liefde en vergankelijkheid. Door zijn tegenstellingen geeft hij evenwicht aan de twijfel en het dilemma. Kiezen is de kern van het bestaan.
Hoe is de verhouding tussen tekst en vormgeving?
De vormgeving wordt gebruikt om de tekst te verrijken
niet om te illustreren. We willen proberen het onzegbare
te zeggen. We gebruiken tekstprojecties en videobeelden
om de toeschouwer niet passief te laten kijken, maar bij
hem/haar zoveel mogelijk zintuigen te prikkelen. Het
wordt eigenlijk meer een zintuiglijke documentaire dan
een toneelstuk.
Hoe regisseren jullie?
Regisseren is een zoektocht. We beginnen met het idee,
de voorstelling vormt zich in het proces. We willen de
cast sleutels laten vinden. We zeggen nooit dit moet het
worden. Het is veel losmaken, ontregelen. Maken dat de
tekst als eigen gedachte overkomt. De speler moet het in
zichzelf vinden. We zeggen of illustreren niet hoe het
moet worden, we sturen wel bij als we vinden dat het een
verkeerde richting op gaat. We gaan vaak door op wat op
de vloer gebeurt, het repetitieproces moet een
inspiratiebron zijn voor de regie.
Hoe is jullie samenwerking?
We vormen een organisch geheel. We hebben samen al veel
theater gemaakt. We begrijpen van elkaar wat we
bedoelen. We brengen onze ideeën en concepten al
pratend in en komen zo tot een geheel. Bart is
dramaturg, soms is een idee moeilijk op de vloer vorm te
geven. Erik is een man van de vloer die zich kan vinden
in wat Bart verwoordt. Leuk die verschillende
invalshoeken. We geven de cast nooit tegenstrijdige
signalen. Wij vormen een driemanschap met Jurjen.
Hij is helemaal geweldig Vanaf het eerste moment denkt
hij mee. Als technicus is hij eigenlijk ook regisseur.
Wie is The Third Man?
Jurjen Alkema deed op de kunstacademie videokunst. De
opleiding was vooral conceptueel maar hij gebruikte de
werkplaats om zich zelf dingen te leren. Hij was liever
praktisch bezig. Dat wilde hij met theater combineren.
Deels is hij in de Stadsgehoorzaal beroepstechnicus en
voor de andere helft verdient hij een zuinig belegde
boterham met zijn eigen projecten, hedendaagse kleine
opera's in het hele land.
Wat is jouw rol in Thanatorium Shakespeare?
Voortdurend brainstormen met Bart en Erik over wat
interessant en mogelijk is. We werken met zijn drieën
vanaf het begin aan een totaalconcept, waardoor alles in
elkaar past. Vorig jaar zijn we al begonnen met Medea.
Spel, decor, techniek, licht en geluid moet één geheel
vormen. De techniek is hier geen verfraaiing maar
medespeler. Drie projectieschermen moeten mede het beeld
bepalen en dingen van het spel laten zien die je normaal
niet ziet. Dat moet een sluitend geheel vormen. Het
wordt een live registratie. Er komen 10 camera's te
hangen. De beelden lopen via 2 kasten naar mijn
computer, waarop ik ze bewerk. Het bewerken bestaat uit
kleuren veranderen, langzamer afspelen en close-ups
maken. Dan bepaal ik, terwijl het spel speelt, wat er
wordt geprojecteerd.
Kan je dat alleen aan?
Het is een leuke uitdaging, een speeltuin voor mijn
creativiteit. Bart en Erik geven mij alle ruimte. De
video ga ik alleen doen. Voor licht en geluid, ook een
essentieel onderdeel, moet ik een team bij elkaar
krijgen. Ik hoop op een vaste tweede man en een
wisselende derde. Gelukkig zijn er veel goede en
gemotiveerde technici in de techniekgroep.
Hoe vind je het bij Imperium?
Leuk! Een club met een eigen theater is een luxe. De
ambitie en het niveau zijn fantastisch. Veel Imperianen
hebben een grote liefde voor theatermaken. Het streven
naar goede producties geeft mij ruimte dingen uit te
proberen. Als je de tijd hebt is het fijn om in een
vroeg stadium met de regisseur mee te denken. Dan kan je
er voor je zelf meer uithalen. Het blijft werken achter
de schermen. Veel werk is onzichtbaar. Bij het
allerbeste lichtplan zie je soms niet dat iets aan of
uitgaat. Maar ik voel mezelf en de hele techniek
absoluut gewaardeerd. Als we niet zo opvallen, komt dat
vooral omdat technici nu eenmaal introverte mensen zijn.