Als een wandeling door een modeldorp.....
Door Riekje Renes
Jules Noyons brengt met Dogville zijn lustrumproductie bij Imperium. Zijn vier vorige producties Peter Pan (2001), Spaanse Ruiters (2003), De Drie Musketiers (2004) en Bash (2006) wonnen vijf prijzen. Tweemaal de Kees Visserprijs en drie keer de publieksgunst. De adhoc productie Onder Mannen mag naar de Engelenbak. Hij kan dus één van onze succesvollere huisregisseurs genoemd worden.
Jules Noyons is in Brussel opgeleid tot dramaturg en regisseur. Bij Orkater deed hij de dramaturgie van vele voorstellingen waaronder Ik, Hof van Haile, Kamp Holland en Bloedband. Zowel bij het professionele als amateurtoneel regisseerde hij meer dan 40 voorstellingen. Hij vertaalt en bewerkt veel stukken. Waar mogelijk doorbreekt hij graag de vierde wand. Over deze Brechtiaanse speelwijze gaf hij in 2002 een cursus op Imperium. Daarnaast is hij ook dramadocent.
Wat bracht jou tot theatermaken?
Herinnering en betovering uit mijn jeugd. Mijn vader
was acteur, die wereld intrigeerde me. Als
dertienjarige jongen zag ik hem op het toneel in de
rol van een serviele kelner halverwege het stuk in een
soort duivel veranderen. Hij kreeg grip op de hem
terroriserende klant en nam hem in de tang. Mijn in
het dagelijkse leven goedmoedige vader steeg op het
toneel boven zichzelf uit.
De voorstelling “De Regenmaker” ook van zijn gezelschap was even beslissend. Ik heb het wel 10 keer gezien. Er verschijnt een charlatan in een verdroogd pioniersdorpje die beweert dat hij regen kan maken. Hij vindt onderdak bij een familie met een ongehuwde oudste dochter. Rutger Hauer speelde de regenmaker en het meisje was een overjarige actrice. Om haar jong te laten lijken hadden ze haar een blonde pruik opgedaan, met lang opgestoken haar. Je zag dat ze Rutger Hauers moeder wel kon zijn. In de liefdesscène in de stal, die ik als 13-jarige jongen vanuit de zaal kon meeprevelen, maakte Rutger Hauer haar haren los. Dat juist hij haar steunde in een illusie waar we allemaal doorheen zagen, ontroerde en betoverde me. Geloven tegen beter weten in. Dat soort transparantie raakt me nog steeds en heb ik altijd gezocht in mijn eigen werk.
Waar heb je de meeste voldoening van gekregen?
Recent was het maken van “Onder Mannen” een feest.
“Spaanse Ruiters” blijft een dierbare herinnering,
omdat ik die voorstelling bijzonder gelukt vond en de
samenwerking heel intens was. En bovenal De Drie
Musketiers. En mijn vertaling van Zinsbegoocheling.
Zegt de keuze van je stukken iets over jou?
Ik heb een thematische interesse in verhalen die je
brengen waar je niet wil zijn. In mij zit een
combinatie van naïviteit en analyseerdrift. Met de
naïeve feiten neem ik geen genoegen. Ik wil
doorgronden tot welk kwaad de mens in staat is. Ik ben
op zoek naar de donkere kant van de ziel. De
eindconclusie van Dogville lijkt dat de wereld
misschien beter af is zonder mensen. In een vorig
interview noemde ik de zondeval als rode draad in mijn
stukken. Het paradijs inclusief appels is in dit stuk
zelfs letterlijk aanwezig, en toevallig heet de
hoofdrolspeelster ook nog Eva….
Wat deed je besluiten Dogville te brengen?
Het zien van de film was een ongelooflijk indringende
ervaring. Ik personifieer me met de inwoners van
Dogville. Ik kan me voorstellen dat ik onder die
omstandigheden ook zo zou kunnen handelen. De inhoud
sluit aan bij mijn interesse. Het is kijken naar
beelden waar je van weg zou willen kijken. Ik vind de
analytische opbouw van het verhaal, als een parabel,
en het inzetten van een verteller heel fijn. Het
verhaal voert je mee, maar je wordt ook steeds op
afstand gezet en op jezelf teruggeworpen, zoals dat
Brecht voor ogen stond. De illusie van het verhaal én
de werkelijkheid waar het naar verwijst. Alweer:
transparantie.
Bovendien boeiden aspecten van de vormgeving me. Ook die is letterlijk transparant. De film was opgenomen in een studio, de huizen aangegeven door krijtlijnen op de vloer. Heel theatraal, en dat maakt nieuwsgierig of het in het theater iets zou kunnen doen. Lars van Trier is een provocateur, hij breekt met alle regels van de filmacademie. Hij geeft weinig beelden en veel woorden. Geen show don’t tell, maar het omgekeerde. Die provocatie ben je kwijt, maar daar zou in het theater de directe ervaring voor in de plaats kunnen komen.
Ik zag het als theater bij het RO-theater. Met zetstukjes als de huizen van de inwoners werd het een soort changementen ballet. Het kreeg het omgekeerde effect van de film. Je keek te veel naar plaatjes en het bleef te idyllisch, de angel was er uit. Mijn idee is dat het locatietheater moet worden. Een soort Efteling ervaring. Door een dorp lopen waar je deel van uitmaakt.
Wat is voor het publiek de kern van het stuk?
Hoe verhoud ik mij tot een vreemdeling! Ik wil
bereiken dat het publiek zich een inwoner van Dogville
voelt, zich identificeert met de situatie en zichzelf
die vraag stelt. De film is eerder een last dan een
steun. Ik hoop dat zo min mogelijk mensen in het
publiek hem gezien hebben en eigenlijk ook dat niemand
dit interview leest. Dan krijg je een maximale
beleving van het plot, komt het harder aan en dringt
het dieper door.
Is tekst of vormgeving voor jou belangrijker?
Ik ben een tekstman. Mijn vormgeving is conceptueel.
Vanuit de tekst vertrek ik en vorm een concept dat
uitdrukt wat het stuk voor mij betekent. De vormgeving
vloeit voort uit dat concept. Ik ben geen
plaatjesmaker. Voor de ervaring van het stuk heb je
soms wel een bepaalde vormgeving nodig, zodat het
verhaal sterker aankomt. Bij Dogville is het
uitgangspunt de vervaging van de toneelscheiding en de
sfeer van de vijftiger jaren van de vorige eeuw, de
Wederopbouw, met grote nadruk op normen en
waarden.
Wat maakt iets tot een specifieke Jules
productie?
Ik ben heel precies over hoe de spelers de zinnen
moeten uitspreken. Ik kan ze stapelgek maken. Ik ben
ook op zoek naar de lach. Naar naïviteit en
goedgelovigheid. Ik wil het publiek in dingen laten
trappen om de harde waarheid te achterhalen.
Hoe verloopt het repetitieproces?
Het is veel georganiseer door de grote cast en de door
toeval extra korte tijd. Met productiebegeleidster
Leontine heb ik 2 dagen aan het repetitieschema
gewerkt. Ik heb een sterke bezetting. Ik zie het
dorpje nu al tot leven komen.
Welke kwaliteiten zoek je in je cast?
Ik wil dat mijn spelers nieuwsgierig en gretig zijn,
iets willen onderzoeken. Ook moeten ze een fysieke
uitstraling hebben. Flexibiliteit bezitten om op
verschillende manieren iets te doen, kunnen goochelen
met hun tekst. En geduld. Ik ga heel langzaam. Kleine
stukjes, zinnen, of zelfs een enkel woord, moeten
eindeloos over tot het goed is.
Vind je het nog steeds prettig werken in
Imperium?
Een nadrukkelijk “Ja” was Jules’ enige antwoord. En
zijn ogen, die bij auditie, repetitie of vraaggesprek
zijn instemming, goedkeuring of afwijzing
weerspiegelen, bevestigen dat.